GUI, webontwerp, psychologie en human efficiency,
boek

Harde en concrete uitspraken over de efficiëntie van web en GUI interfaces. Basis: eenvoudige psychologie van bewegen, kijken, praten, leren en denken. Geen techniek, marketing, design, beleving, experience, intuïtief, look and feel, meningen en zo.

English version.

boek, cognitief, gui, webdesign, psychologie, gebruiksvriendelijkheid, ontwerp, usability















Welke aanpak?

De psychologie van de gebruiker is hier de leidraad voor interface design: harde en concrete specificatie voor interfaces, met eenvoudige psychologie van bewegen, kijken, taal, leren en denken. Even geen techniek, marketing, design, beleving, experience, intuïtief, look and feel, meningen en zo. Ook even geen high tech, laatste snufjes, hypes en hots. De boeken leggen de huidige gui en webpages naast keiharde psychologische kennis. Begrippen als advanced, bar, button, desktop, grafisch, help, menu, OK, personal assistant, tabs, tip van de dag, window en wizard gaan op de psychologische snijtafel. Begrippen die in de huidige praktijk ongebruikelijk zijn maar die psychologisch gezien noodzakelijk zijn voor een psychologische pasvorm worden geïntroduceerd. Deze geïntegreerde behandeling van de vormgeving voor de handen, de ogen, de woorden, de help en het denken, garandeert dat de ontwerper wat de gebruiker betreft niets over het hoofd. De begrippen structureren eventuele discussie.
  Boek 1 richt zich op het how to van invoer, het beeldscherm en de teksten.

Boek 2 richt zich op het conceptuele ontwerp voor help, beginners/experts, normen/guidelines, menu/navigatie en heeft tevens een why this way karakter. Het geeft inzicht in deze concepten en de praktische consequenties voor het ontwerpen. Velen voelen wel dat er iets mis is met de huidige interfaces. Psychologisch inzicht laat zien waarom het niet klopt en hoe de ontwerper het kloppend krijgt. Elk deel besluit met een toekomstschets.
De aanpak blijkt wat onwennig: de computer is de slave en de gebruiker is de master. Ook onwennig is dat er door meer kennis minder discussie is. Verder is onwennig een psychologie die niet slaafs de vragen van de techniek beantwoordt maar dicteert wat de techniek moet doen. Duidelijkheid is er door ondubbelzinnige woorden, sprekende vergelijkingen en meer dan 400 concrete voorbeelden. Een terugkerend voorbeeld omvat psychologische verantwoordingen van de NS touch screen treinkaartautomaat interface. De voorbeelden maken de boeken goed bruikbaar in het onderwijs. Met 1300 termen in de index is een goede psychologische naslag eenvoudig. De hedendaagse interfaces zijn een zeepkist om de motor van een Ferrari. Die zeepkist kan veel beter. Met high psy wordt invoeren zorgeloos en wat op het scherm staat onmiddellijk duidelijk. Aandacht van de gebruiker komt vanzelf daar waar dat nodig is. Het betekent ongemerkt een expert worden, niet alleen met de interface maar ook in het werk dat de gebruiker doet. De gebruiker is de baas, heeft overzicht, heeft alles onder controle, stuurt waar nodig wat bij en voert zijn taak steeds efficiënter uit. Gebruiksvriendelijkheid is geen probleem meer, maar een vanzelfsprekendheid.



Theoretische basis

De psychologie dus als basis in deze boeken. Maar wat voor psychologie? Niet de psychologie die je nodig hebt wanneer je problemen hebt met je partner, je kinderen of jezelf. Wel de wat onbekende functie­psychologie: het bewegen, waarnemen, taalgebruik, leren en denken. Wat is een gebruiker immers anders dan iets dat beweegt (met vingers, toetsen of muis), kijkt (naar een beeldscherm), woordjes leest in intypt, probeer te begrijpen hoe die computer werkt en dat probeert te onthouden hoe de computer werkt.

Boek 2 geeft aan welke oplossingen de psychologie biedt en waarom deze boeken kiezen voor de handelingspsychologische richting. Deze aanpak is concreet omdat de gebruiker de handelingen uitvoert met elementen van de interface (toets/muis, visuele presentatie, tekst, help en conceptuele structuur). Bovendien is de aanpak niet constaterend. Dat wil zeggen menselijk gedrag constateren en met statistiek wetenschappelijk verantwoord beschrijven. 50% van de proefpersonen kan de optie in het menu niet vinden. De aanpak is een construerende handelingspsychologie. De uitspraak is dan bijvoorbeeld: Als u geen menu gebruikt maar een werkwoord - zelfstandignaamwoord zin dan kan vermoedelijk iedereen de optie vinden.

Why designers can“t understand their users, developing a systematic approach using cognitive psychology, usability
Naar top.



Praktische basis Kan een boek met zo’n theoretische achtergrond wel praktisch zijn? Ja dat kan. Eeen goede theorie moet operationaliseerbaar en testbaar zijn. Meestal betekent dit dat de psycholoog een theorie vertaalt in onderzoeksitems. Maar een psycholoog kan natuurlijk ook concretiseren in requirements. Dat is één. Ten tweede toont het boek honderden ontwerpen waarvan ondubbelzinnig gezegd kan worden dat ze wel of niet in over­een­stemming zijn met de theorie. Rechts staan wat van die voorbeelden.
  • Veel voorbeelden komen uit een twintigjarige adviespraktijk.

  • Het bekendste voorbeeld is de NS treinkaart automaat van voor de OV-chipkaart. De interface daarvan is vrijwel geheel in over­een­stemming met human efficiency.
  •  
  • Ook Windows en Office leveren vele voorbeelden. Er zijn geen voorbeelden van de Mac. Dit is niet omdat de bediening van de Mac wel in overeenstemming is met de psychologie. Ook de Mac gebruikt een bureaublad, menu’s en tabbladen om maar eens wat te noemen.
  • Er zijn speciaal voor het boek ontwerpen gemaakt. Deze voorbeelden zijn zuiver; ze tonen het psychologische punt zonder mitsen en maren en de inhoud is in vijf seconden te begrijpen. Ook in deze site zitten wat voorbeelden. Deze zijn echter niet zuiver; html en de browser hebben hier het laatste woord.
  • Naar top.



    Inhoudsopgave

    0.
    0.1
    0.2
    0.3

    Boek 1

    Deel I:

    1
    1.1
    1.2

    2
    2.1
    2.2

    2.2.1
    2.2.2
    2.2.3
    2.2.4

    3
    3.1
    3.2

    3.2.1
    3.2.2
    3.2.3
    3.2.4

    4
    4.1
    4.2

    4.2.1
    4.2.2
    4.2.3
    4.2.4

    5.
    5.1
    5.2
    5.3

    Voorwoord
    Inleiding, wat bieden de boeken?
    Kennis voor professionals
    Voor wie zijn de boeken bedoeld?


    Ontwerp voor bewegen

    Afmeting
    Wat is afmeting?
    Welke motorische afmeting?

    Weinig invoer
    Wat is weinig invoer?
    Welke invoer hoeveelheden
    ?
    Weinig invoer met selection
    Weinig invoer met entry
    Weinig invoer met functionaliteit
    Weinig invoer met voice input

    Plaats van invoer
    Wat is motorische afstand?
    Welke motorische afstanden?

    Geen afstand voor de vingers
    Minimale afstand voor de vingers
    Weinig afstand voor de pols
    Weinig afstand voor de arm

    Buttons indelen
    Wat is motorische structuur?
    Welke motorische structuren?

    Cijfertoetsen
    Qwerty toetsen
    Lettertoetsen op het scherm
    Eén-handige invoermiddelen

    Ontwerp voor bewegen van morgen
    Naar vrije invoer
    Naar meer invoertechnieken tegelijk
    Naar invoeren in het overzicht


    Deel II:

    6
    6.1
    6.2

    7.
    7.1
    7.2

    7.2.1
    7.2.2
    7.2.3


    7.2.4



    8
    8.1
    8.2

    9
    9.1

    9.1.1
    9.1.2
    9.1.3
    9.1.4
    9.1.5
    9.2
    9.2.1
    9.2.2
    9.2.3
    9.2.4
    9.2.5
    9.2.6
    9.2.7

    10
    10.1
    10.2

    10.2.1
    10.2.2

    11
    11.1
    11.2

    11.2.1
    11.2.2
    11.2.3

    12
    12.1
    12.2

    12.2.1
    12.2.2

    13
    13.1

    13.2
    13.2.1
    13.2.2
    13.2.3

    14
    14.1
    14.2

    14.2.1
    14.2.2
    14.2.3




    15
    15.1

    15.1.1
    15.1.2



    15.2
    15.2.1
    15.2.2
    15.2.3
    15.2.4

    16
    16.1
    16.2
    16.3
    16.4

    Ontwerp voor waarnemen

    Afmeting
    Wat is visuele afmeting?
    Welke afmetingen?

    Vorm
    Wat is vorm?
    Welke vormen?

    Cijfers, getallen, letters en codes
    Tekstpresentatie 
    Analoge presentaties
    Commands: tekst of pictogram
    Keuze: digitaal of analoog
    Taalkeuze: woord of vlag
    interfaces: tekst of grafisch
    Complexe grafische presentatie

    Vet
    Wat is helderheid?
    Welke helderheden?

    Kleur 
    Wat is kleur?

    Gevoeligheid voor kleuren
    Verzadigde kleuren
    Breking van kleuren
    Kleurendefecten 
    Chromatische inductie
    Welke kleuren?
    Kleuren niet voor hoeveelheidsverschil
    Kleuren niet voor realistisch beeld
    Kleuren niet voor achtergrond
    Kleur niet te veel
    Kleuren wel voor interpretatie van informatie
    Kleur wel voor sturing aandacht
    Kleur ook voor design

    Helderheidscontrast
    Wat is helderheidscontrast?
    Welke contrasten?

    Leesbaar helderheidscontrast
    Opvallend helderheidscontrast

    Dynamiek
    Wat is dynamiek?
    Welke dynamische effecten?

    Verandering van helderheid
    Verandering van helderheidscontrastrichting
    Verandering van plaats

    Rustige schermen
    Wat is een visuele hoeveelheid?
    Welke visuele hoeveelheden?

    Weinig visuele elementen
    Veel visuele elementen

    Plaats van informatie
    Wat is visuele afstand?

    Welke visuele afstanden?
    Twee elementen, samenhorend
    Meer elementen, samenhorend
    Visuele elementen buiten het fixatiegebied

    Scherm indelen
    Wat is visuele structuur?
    Welke visuele structuren?

    Lijsten, ééndimensionaal
    Kaders
    Tabellen, tweedimensionaal
    De horizontale indeling
    De verticale indeling
    Portret of landschap

    Ontwerp van geluid
    Wat is geluid?
    Geluid voor (on)verwachte informatie
    Geluid voor aandacht
    De gebruiker zit zeker achter de computer
    De gebruiker zit misschien achter de computer
    De gebruiker reageert niet
    Welke geluiden?
    Pieptonen
    Ringtonen, muziek
    Natuurlijke geluiden
    Kunstmatig geluid

    Ontwerp voor waarneming van morgen
    Naar eenvoudig waarnemen
    Naar minder rechthoekige vormen
    Naar meer dynamica
    Naar transformeren en interpreteren


    Deel III:

    17
    17.1
    17.2

    17.2.1
    17.2.2
    17.2.3

    18
    18.1
    18.2

    18.2.1
    18.2.2
    18.2.3
    18.2.4
    18.2.5
    18.2.6
    18.2.7

    19
    19.1
    19.2

    19.2.1
    19.2.2
    19.2.3
    19.2.4

    20
    20.1
    20.2
    20.3

    Ontwerp voor taal

    Weinig woorden
    Wat is weinig woorden?
    Welke hoeveelheden woorden?

    Synoniemen
    Meervoudsvorm 
    Homogene termen 

    Duidelijk taalgebruik
    Wat is een duidelijk woord?
    Welke onduidelijke woorden?

    Onjuiste termen 
    Homoniemen
    Jargon
    Geen vorm maar inhoud
    Bevestigend formuleren
    Specifieke termen
    Nederlandse termen

    Woorden indelen
    Wat is een verbale structuur?
    Welke verbale structuren?

    Werkwoord en zelfstandig naamwoord
    Woordvolgorde
    Interpunctie
    Structuren in beeldtalen

    Ontwerp voor taal van morgen
    Naar restricted artificial language
    Naar applicatie onafhankelijke interfaces
    Naar beeldtaaltoolkits




    Boek 2
    Deel IV:

    21.1
    21.2

    21.2.1
    21.2.2
    21.2.3
    21.2.4



    21.2.5


    22
    22.1

    22.1.1
    22.1.2
    22.1.3
    22.1.4
    22.1.5
    22.2
    22.2.1
    22.2.2
    22.2.3

    23
    23.1
    23.2

    23.2.1
    23.2.2
    23.2.3
    23.2.4





    24
    24.1
    24.2
    24.3



    Ontwerp voor leren en tegen vergeten

    Wat is leren en vergeten?
    Welke geheugenhoeveelheden?

    Hoeveelheid bij invoer
    Hoeveelheid bij waarnemen
    Hoeveelheid bij taal
    Hoeveelheid bij leren
    Passwords
    Wachttijden en voortgangsbeheersing
    Stopbeheersing
    Are you sure?
    Hoeveelheid bij denken

    Duidelijk uitleggen
    Wat is geheugen afstand?

    Overbruggen met Tip of the day
    Overbruggen met Frequently asked questions
    Overbruggen met Wizard
    Overbruggen met Helpdesk
    Overbruggen met Personal Assistant
    Welke afstanden voor het geheugen?
    Overbruggen met psychologische interactie
    Overbruggen met verticaal ontwerp
    Overbruggen met verkorten

    Indelen van te leren kennis
    Wat zijn geheugenstructuren?
    Welke geheugenstructuren?

    Structuur door normen voor de techniek
    Structuur door normen voor het design
    Structuur door consistentie voor gebruikers
    Aansluiten bij psychologische structuren
    Consistent voor motoriek
    Consistent voor waarneming
    Consistent voor taal
    Consistent voor leren

    Ontwerp voor leren van morgen
    Naar minder vergissen en vergeten
    Naar helploze interfaces
    Naar beheersing van content learning

    Deel V:

    25
    25.1
    25.2

    25.2.1




    25.2.2
    25.2.3
    25.2.4



    26
    26.1
    26.2

    26.2.1
    26.2.2
    26.2.3

    27
    27.1
    27.1.1
    27.1.2





    27.2
    27.2.1
    27.2.2




    27.3
    27.3.1
    27.3.2





    28
    28.1
    28.2
    28.3

    Ontwerp voor denken

    Minder mentale belasting
    Wat is hoeveelheid voor begrijppen?
    Welke hoeveelheidsbegrippen?
    Minder met uitrekenen door interface
    Rekenen voor de gebruiker
    Rekenen vanaf de gebruiker
    Rekenen in eenheden van de gebruiker
    Rekenen vanuit het doel
    Minder met betrouwbaarheid
    Wat is 'betrouwbaarheid'?
    Welke 'betrouwbaarheden'?
    Minder met aanpassen
    Minder met abstraheren

    Duidelijke begrippen
    Wat is een duidelijk begrip?
    Welke onduidelijke begrippen
    Onduidelijke inhoudelijke begrippen
    Onduidelijke pictogrammen
    Onduidelijkheid door metaforen

    Indelen en navigatie
    Een dimensie, lijsten
    Wat is een lijst?
    Welke lijsten?
    Uitsluitende elementen
    Oplopende elementen
    Gelijke afstanden
    Met een nulpunt

    Twee dimensies
    Wat is een tweedimensionale structuur?
    Welke tweedimensionale structuren?
    Geografisch en topografisch
    Hiërarchieën, menu
    Tabellen

    Meer dimensies

    Wat is meerdimensionaal?
    Welke meerdimensionale structuren?
    Meer dimensies met de werkelijkheid
    Meer dimensies met plaats
    Meer dimensies met visuele eigenschappen
    Meer dimensies met lijsten

    Ontwerp voor denken van morgen
    Naar datamanagement
    Naar samenwerking
    Naar wanorde

    Deel VI


    29
    30
    31
    32
    33
    34
    34.1
    34.2
    34.3
    34.4
    34.5
    34.6
    34.7
    34.8
    34.9

    35
    35.1
    35.2
    35.3
    35.4
    35.5
    35.6

    Uitgangspunten

    Techniek
    Gebruikersmening
    Marketing
    Design
    Ergonomie
    Usability
    Usability als wetenschap
    Theorie als uitgangspunt
    Inhoudelijke testmethodologie
    Interdisciplinair
    Usability engineer is de baas
    Generalisten als probleemoplosser
    Conformeren aan de techniek
    Verantwoordelijkheid
    Usability als beroep

    Psychologie
    Productaanpak
    Procesaanpak
    Elementeigenschappenaanpak
    Constaterende aanpak
    Construerende procesaanpak
    Guerrilla aanpak

    Literatuur

    Index

    Naar top.



    Voorwoord

    Sommigen zeiden na lezing van het boek: Wat een veldslag. Hier is een psychologenridder aan het werk geweest die de ene na de andere interfaceconventie en redenering een kopje kleiner maakt. Er is meer commentaar.
  • Sommige voorbeelden zijn oud. Maar het gaat om een illustratie van een psychologisch principe. Een recent voorbeeld geeft wel een recent Design maar in de meeste gevallen nog steeds dezelfde goede of foute toepassing.
  • De plaatjes zijn geen grafische hoogstandjes maar vaak gewoon voorbeelden uit het wild. De boeken zijn geen Design kijkboeken maar ontwerpdenkboeken.

  • De tekst is is ook geen hapklare brok. Dit maal liever meer maal proeven dan één maal schrokken.



  • Gebruikers vertelden dat ze na lezing begrepen dat niet ze de domme of de een of andere -beet zijn. Ze voelden zich verlost van schuldgevoelens en twijfels aan de eigen intelligentie. Zij zijn niet de domme of de een of andere -beet. Ontwerpers zijn psychobeten.
  • Ontwerpers houden van plaatjes en niet van lezen; zeker niet wanneer de plaatjes geen Design zijn. De ontwerpers die zich vermanden bleken zich met de boeken te kunnen verlossen van vage dooddoeners als intuïtieve, look and feel, usability, user centered design, user experience, userfriendly, etc. Ook bleek dat zij ontwerpkeuzen met psychologische kennis rationeel konden vergelijken. Hun werk wordt daardoor intelligenter en professioneler.
  • De mens is zoals hij is. Het boek is zoals het is en, last but not least, de auteur is zoals hij is. Een taalridder zei me dat ik beschikte over glanzende wapens waarmee de strijd voor gebruiksvriendelijkheid gewonnen kan worden. Dat is waarschijnlijk al wat het is; niet meer en niet minder. Discussie over de toepassing van de psychologische inhoud kan. Discussie over de vorm is voor mij niet interessant.

    Druk twee, drie en vier
    De inhoud van alle drukken is gelijk. In druk vier is een hoofdstuk over geluid toegevoegd. Geleidelijk aan is de tekst verbeterd.

    Naar top.



    Inleiding

    Wat bieden de boeken?

    Het weer: iedereen klaagt erover, maar niemand doet er wat aan. Iedereen vindt ook dat computers gebruikersvriendelijker moeten worden, maar wie doet er echt wat aan? De boeken GUI, webontwerp, psychologie en human efficiency 1 en 2’ doen er wat aan. Ze bieden wat vaak links blijft liggen, namelijk psychologie die nodig is om gebruiksvriendelijke computerprogramma's te ontwerpen.




  • Het eerste boek staat dicht bij de materie en geeft How to . . . voor invoer, waarnemen en tekst (hoofdstuk 1 tot en met 20).

  • Het tweede boek staat losser van de materie en geeft How to . . . voor het leren, help, begrijpen en navigeren (hoofdstuk 21 tot en met 35). Bovendien geeft dit boek ook een How come . . . van gebruiksonvriendelijk­heid. Het ontzet de intellectuele vrijbuiter uit de vanzelf­sprekend­heden van het hedendaagse interface design.

  • Deel VI in het tweede boek geeft de invalshoeken die er bij interface design zijn en werkt de psychologie als invalshoek verder uit.



  • De boeken bieden psychologische theorie en de praktische toepassing.

  • Elk hoofdstuk begint met de psychologie die voor interface ontwerp van belang is.

  • De theorie wordt geformuleerd in psychologische wensen die men technisch kan realiseren.

  • Onderzoeks­resultaten laten zien hoeveel de prestatie verbetert wanneer de interface aan de psychologische wens voldoet.

  • Zo’n 490 voorbeelden van concrete toepassingen verduidelijken de psychologie.
  • Naar top.



    De achtergrond van de kennis

    Ik heb vijfentwintig jaar gewerkt aan interfaces en geprobeerd geen concessies te doen aan de psychologie. Aanvankelijk ging het daarbij vooral om industriële toepass­ingen waarbij snel en foutloos menselijk handelen van groot belang is. Dit geldt voor operators die een chemische fabriek besturen, voor machinisten van hogesnelheidstreinen en voor treindienstleiders. Ook was ik betrokken bij interfaces waarbij het gaat om grote aantallen mensen die de interfaces gebruiken en waarbij de diversiteit in gebruikers groot is. Dit geldt voor treinkaartautomaten en reisinformatie.




    Een geluk in mijn werk was de samenwerking met opdrachtgevers, technici en ontwerpers die de waarde van de psychologie voor interface ontwerp inzien. Zij durfden psychologische wensen te vertalen in techniek en ontwerp. Mede daardoor was het voor mij mogelijk deze ontwerppsychologie te ontwikkelen.Enkele van de hieruit voortgekomen interfaces staan in dit boek. Dat de interfaces vaak gerelateerd zijn aan vervoer komt niet doordat ik geen ervaring met andere interfaces heb maar doordat deze systemen gemakkelijk te begrijpen zijn en deze opdrachtgevers de psychologie veel ruimte gaven. Er zijn ook (her)ontwerpen van bekende Windows en Office vensters.
    Naar top.



    Voor wie zijn de boeken bedoeld?

    De kennis is bruikbaar voor de volgende groepen.

    a) Ontwerpers van interfaces

    De belangrijkste doelgroep vormen ontwerpers van interfaces. Na lezing van deze boeken vragen ontwerpers vaak: "En waar moet ik nu beginnen met het ontwerpen?"

    Het antwoord is eenvoudig: "Achteraan; Deel VI, uitgangspunten." Als je de uitgangspunten niet expliciet maakt dan kun je bij elke ontwerpbeslissing discussie krijgen. Het hoofdstuk staat achteraan omdat mij verzekerd is dat een dergelijk hoofdstuk aan het begin voor velen een onneembare horde is. Het eerste boek begint simpel: "Hoofdstuk 1: Hoe groot moet een button zijn?"
    Hebben de uitgangspunten een gewicht gekregen dan werk je het conceptuele model uit (systeemanalyse), vervolgens wat de gebruiker moet denken (Deel V Ontwerp voor denken) en daarna de visuele en verbale vormgeving die daar bij hoort. Oh, ja, ergens aan het eind ook nog de invoer; Deel I Ontwerp voor bewegen dus.

    Deze methodologie is impliciet omdat het presenteren van psychologische kennis prioriteit heeft; dus bij het eenvoudige bewegen beginnen. Bovendien is ontwerpmethodologie een zaak van ontwerpers en niet van psychologen. Je kunt de boeken van voor naar achter lezen maar ook als naslagwerk vanuit de index
      b) Gebruikers

    De boeken zijn bruikbaar voor professionals die zijdelings betrokken zijn bij de ontwikkeling van interfaces, bijvoorbeeld gebruikers die specificaties moeten leveren en die geleverde interfaces moeten beoordelen. Ze kunnen met deze boeken nauwkeurig omschrijven wat ze nodig hebben en beoordelen of de geleverde interface voldoet. Gebruikers zijn daarmee minder afhankelijk van wat technici, designers en toevallige ervaringen met oude systemen.
    c) Managers en projectleiders

    Managers van interface projecten kunnen met deze boeken beoordelen of de ontwerpers van hun projecten professioneel te werk gaan. Honderden voorbeelden maken duidelijk wat wel psychologisch doordacht is en wat niet.
    d) Psychologen

    Psychologen kunnen met deze boeken de kloof overbruggen die er is tussen de theoretische functiepsychologische kennis en de toepassing ervan bij het ontwerp van interfaces. Er is altijd een duidelijke link tussen psychologie en de voorbeelden in de boeken. Verder geven deze boeken aan welke variabelen men bij het doen van onderzoek onder controle moet houden en welke variabelen men moet onderzoeken.
    Naar top.



    Auteur

    Leonard Verhoef
    ontwikkelde zich van een psycholoog die het menselijk denken onderzoekt
    naar ontwerper van ultimate psychologisch verantwoorde interfaces;
    apparaten voor nu en voor in de toekomst.
    Leonard Verhoef
    Naar top.



    Statistieken

    Deel 1 heeft 245 pagina’s, 257 voorbeelden, meestal met een kleurenafbeelding van een scherm.
    Deel 2 heeft 250 pagina’s, 230 voorbeelden, ook met een kleurenafbeelding.
    De index van boek 1 en 2 omvat meer dan 1300 verwijzingen.
    Inmiddels zijn er meer dan 400+400 exemplaren verkocht.

    Naar top.



    Bestellen

    Boek 1 kost € 37 en boek 2 kost € 40 (inclusief 6% btw).
    De verzendkosten zijn € 3,50 per zending.
    Bestellen per mail, leonardverhoef@gmail.com
    Naar top.



    Zoeken in humanefficiency.nl

    Naar top.
    Interfaces uit het boek

    Complex data



    Demo cognitief psychologisch verantwoorde 'kilometerteller', vooral voor de bestuurder van een zelfrijdende auto.

    complex process presentation
    Upper right red,
    Close to disaster

    complex process presentation
    All OK.

    complex process presentation
    Upper right yellow low,
    take care!

    complex process presentation
    Upper right yellow high,
    take care!
    Source: Verhoef Holslag,
    2010.

    leerroute beheers systeem
    Source: LBS/Holslag Verhoef.


    Sourrce: Holslag Verhoef


    How much information
    can be in one of these
    smiley?
    Source: Verhoef Holslag,
    2010.


    Design of tables


    Graphics for aesthetics,
    OECD house style.
    Source: OECD quarterly
    growth table.
    http://stats.oecd.org/Index.aspx


    No graphics, data only.
    Same data as previous
    table.


    Same data as previous
    table.
    Graphics for content.
    OECD, adapted by
    Verhoef for demo.


    Design of scales







    One variable,
    six parameters,
    233 milliseconds
    perception time.


    An effective problem solving
    tool.
    Source: Holslag & Verhoef.


    Portrait or
    landscape?

    train traffic control information portrait orientation
    What is better for a
    train traffic
    controler?
  • portrait ...
  • train traffic control information landscape orientation

  • ...landscape?

  • Source: Holslag & Verhoef.

    What is better
    for car driving?
    tom tom autonavigatie scherm
  • ... realistic landscape?
    Source: Tom Tom, 2010.


  • auto route reisplanner reizen
  • alphanumerical portrait
    ...?
  • In this case the best
    orientation is ...

    Source: Verhoef, 2010.

    etcs ermts mmi dmi planning
  • abstract portrait ...?

  • Source: ETCS/Verhoef.

    Train traffic
    control


    How to present
    tracks and platforms?
    Presentation of tracks and platforms for train traffic controlers
  • This way?

  • Presentation of tracks and platforms for train traffic controlers
  • Or this way?

  • Source: NS/Verhoef.


    Design of in car systems


    Speed control information for cars.
    Point with cursor for an explanation.


    Design of train indicators

    Departure in 30 min.


    Grey half circle:
    Go shoping.
    Departure in 30 min.

    Departure in 15 min..
    Yellow 1/4 circle:
    Go to train.
    Departure in 15 min.


    Departure in 30 sec.

    Source: Amersfoort, The Netherlands, 2008.


    Orange half circle:
    Hurry up!
    Departure in 30 sec.

    Source: Experimental
    designs, Verhoef 2010.


    Trains indicator Amsterdam approx. 1990-2010

    Experimental design destinations indicator.
    Source: Verhoef.

    Design ticket vending


    Check in/out Dutch electronic public transport ticket system (trip costs, debit remaining, bye bye ).

    Experimental check in/out device.
    Source: Verhoef
    NS touch screen train ticket vending machine
    NS touch screen train
    ticket vending machine
    Routing problems
    solved using ...



    Ticket vending machine.
    Language optionfirst step
    (hierarchical solution)?
    Source: Belgium Railways.


    Ticket vending machine.
    Change language any time
    (parallel solution).
    Source: NS/ Verhoef.

    Netherlands Railways touch screen train ticket vending machine.

    It looks like a menu.
    However,
    no hierarchical steps.
    What is the structure?"

    Which button is
    to help whizzkids
    and it-specialists?
    Source: NS/Verhoef.


    coffee drink vending machine, use of gray out.
    The train ticket vending
    machine solution is general
    applicable. It also can
    be used for complex drink
    vending machines.
    Source: Verhoef.

    To top of list of pictures.