Vingervriendelijke toetsen
Artikel |
Kantoor en efficiency maart 1984,
Laatst bewerkt: maart 2011
Nog steeds actueel.
Leonard Verhoef
Contact.
|

Een toetsenbord van IBM uit de tachtiger jaren; een perfecte vingerligging.
|
Vingervriendelijke toetsen |
Hoe beter een schoen past hoe beter een mens kan lopen. Beter wil zeggen: harder, zonder blaren en vooral ook ‘lekker’, lopen. Hoe beter een toets de vinger past hoe beter een mens kan typen. Beter wil ook hier zeggen: sneller, met minder fouten en ‘lekkerder’. | | Een mens kan sneller praten en nog sneller denken dan een toetsenbord letters kan verwerken. Hoe beter een toetsenbord het denken kan bijhouden hoe lekkerder het typt. Opmerkelijk is dat de hedendaagse toetsenborden wat dat betreft slechter zijn dan die van 30 jaar geleden.
|
| Vingervriendelijke toetsen |
Een goede grip voor de vingers
Net als bij autobanden geeft een ruw oppervlak een betere ‘toets’ligging. De vingers vliegen minder gemakkelijk uit de bocht en het parcours kan met hogere snelheid genomen worden. | |
Een goede pasvorm voor de vingers
Het topje van de vinger drukt een toets in. Het vingertopje heeft een bolle vorm. De toets moet dus hol zijn. Als een vinger door zijn hoge snelheid enigszins uit koers geraakt is dan geleidt een holle toets de vinger beter naar zijn midden. De holle vorm leert de typist beter mikken. |

Een toetsenbord met vlakke toetsen en een slechte vingerligging.
Bron: Apple omstreeks 2009
|
| |
Een goede pasvorm voor de hand
Ook het totale toetsenbord moet enigszins hol zijn (concave vorm). De vinger landt dan een rechter op de toets. Daardoor is de kans op doorschieten kleiner.
Een hoge snelheid
Een mens heeft meer vingers dan polsen. Invoer met vingertechnieken is daardoor grofweg 10 maal sneller dan invoer met aanwijstechnieken zoals de muis en het touch screen. Met een goed toetsenbord kan een goede blindtyper 600 aanslagen per minuut halen. Dat is 2/3 van de normale normale spreeksnelheid maar minstens tien maal sneller dan de invoer van een goede muisgebruiker. | |
Concaaf gemonteerde toetsen
Links is te zien dat de toetsen hol gemonteerd zijn.
|
| |
De standaard toetsenborden zijn niet gemaakt voor de hand maar voor de letterhamertjes van de eerste mechanische typemachines. De Velotype heeft een toetsenbord dat de handen perfect past. Typen op spreeksnelheid is daardoor mogelijk.
|

|
De Velotype, ontworpen met de hand als uitgangspunt. Met de knoppen linksonder en rechtsonder kan zelfs de handpalm meewerken. De toets voor de korte en onhandige pink is groter uitgevoerd.
|
| | Een goede afmeting voor de vingers
Een toets moet minstens 12 X 12 mm zijn. Een grotere afmeting is gewenst voor toetsen die veel in gedrukt worden en toetsen die uit het midden liggen, zoals enter en shift. Blindtypers bedienen excentrische toetsen namelijk met de korte en wat onhandige pink. Opmerkelijk is dat sommige toetsenbordfabrikanten alle toetsen even groot maken. Zelfs wanneer er voldoende ruimte beschikbaar is. Een ‘mooi’ en visueel consistent vorm gegeven toetsenbord vinden zij belangrijker dan een snel toetsenbord. | |
Een mens heeft meer vingers dan polsen. Invoer met vingertechnieken is daardoor grofweg 10 maal sneller dan invoer met aanwijstechnieken zoals de muis en het touch screen. |
| Oogvriendelijke toetsen |
Aanslag gelukt
De typist moet weten dat een toets succesvol geraakt is; er moet terugkoppeling zijn. Dit kan het best met een klik op het juiste moment. De klik vertelt de vingers dat de aanslag een succes wordt, de vinger kan afremmen en kan zich voorbereiden op de terugtocht. Zonder goede klik gaan vingers te hard slaan en gaan ogen controleren of de aanslag gelukt is. Meestal kunnen ogen elders nuttig zijn, bijvoorbeeld om te kijken wat nog meer ingevoerd moet worden of om de klant achter de balie aan te kijken. |
|
Bij mechanische toetsen heeft een voelbare klik de voorkeur. Niet alleen omdat een klikkend toetsenbord goedkoop klinkt maar ook omdat de omgeving dan geen last heeft van het geklik. Aanraakschermen met een trilfunctie zouden een tril kunnen geven bij een succesvolle aanslag. Is trillen niet mogelijk dan is een bescheiden piep gewenst. Een nadeel van touch screen buttons is wel dat zij pas weten dat de klik gelukt is nadat de vinger het scherm aangeraakt heeft of zelfs pas wanneer de vinger het scherm los laat. Een mechanische toets kan dat al laten weten voordat de aanslag gelukt is.
|
| |
Oriëntatie
De vingers kunnen zonder ogen de weg op het toetsenbord vinden wanneer enkele toetsen tactiele gemarkeerd zijn. Met een voelbare punt op de ‘f’-toets en de ‘j’-toets kunnen blindtypers zonder kijken hun handen in de juiste positie zetten. Met de voelbare punt zullen de handen steeds meer zonder de ogen zich juist positioneren. Zoals een musicus een absoluut gevoel ontwikkelt voor de hoogte van een toon, ontwikkelt de typist een absoluut gevoel voor de positie van zijn handen boven het toetsenbord.
Met een goede tactiele vormgeving kan het gevoel waarneemwerk doen en zo de ogen ontlasten. | |
Een goede visuele indeling vereenvoudigt het visuele zoeken. Wanneer de kleur van cursortoetsen iets afwijkt dan kan het oog van uit zijn hoek beter inschatten waar de cursortoetsen zitten. De nauwkeurigheid van de handsprong naar die toetsen neemt dan toe. |

Een goede visuele indeling vereenvoudigt het visuele zoeken.
|
| |
Blindtypen
Blindtypen is per definitie oogvriendelijk. De ogen zijn dan immers niet nodig voor invoer en beschikbaar voor andere taken. Dit is een groot verschil met invoeren door aanraken. Invoeren met een muis vraagt voortdurende en nauwkeurige aandacht van de ogen.
|
| Geheugenvriendelijke toetsen |
Standaard indeling
De qwerty-indeling geeft de letters op een toetsenbord een standaard plaats. Voor de overige toetsen geldt dat minder. Dat is erg ‘onhandig’. Het indrukken van die toetsen kan daardoor niet geautomatiseerd worden en reflexmatig verlopen. Het verstand moet meetypen om te zien of de typist toetsindelingen door elkaar gehaald. |
|
Denkvriendelijk invoeren |
Toetsen versus aanwijzen
Met een goed toetsenbord kan een typist met minimale visuele en mentale belasting snel invoeren. Zeker met de goede toetsenborden van dertig jaar geleden. Tegenwoordig voert de mens vooral in door aanwijzen. Aanwijstechnieken maken nauwelijks gebruik van het menselijk leervermogen. Een ervaren aanwijzer wijst misschien drie maal sneller aan dan een onervaren aanwijzer. Een ervaren typer typt tien maal sneller dan een onervaren typer en een ervaren aanwijzer. Met toetsen is het leerplafond en het performance plafond hoger. | |
Bovenden is voor het aanklikken van een knop op een beeldscherm altijd intensieve visuele en cognitieve aandacht nodig. Blind aanwijzen is niet mogelijk. De invoerhandeling kan niet gereduceerd worden tot een taak die de vingers alleen zonder ogen en verstand uit kunnen voeren. Dit geeft een mentale belasting die ten kosten gaat van het denkwerk dat voor de taak verzet moet worden. De aanwijzende computergebruiker lijkt daardoor meer op een drie-jarige die wijzend roept: “Tie tie tie, ik hebben.” dan op een abstract denkende volwassene wiens invoerwijze en invoersnelheid dicht staat bij zijn denkwijze en denksnelheid.
|
|